Hieronder een fraai verhaal dat door onze jongste dochter werd opgesteld n.a.v. mijn koude wielertochten, die ik de afgelopen dagen in snijdende winb en snijdender weer heb afgelegd:
Hier een ode aan de (amateur) wielrenner door mij:
Een wielrenner is bikkelhard en een enorme doorzetter.
Ofschoon
Hiemstra's weersverwachting Eskimo's zal doen bibberen en doen besluiten
zich terug te trekken in hun Iglo's, zal deze wielrenner,
onverschrokken, zich in zijn aangepaste wielertenue hijsen alvorens hij zijn barre
fietstocht aanvangt.
Want, door weer en wind zal dit trainingsdier zijn geplande ritten rijden...
Al
stoempend baant de wielrenner zich een weg door de ijzige kou en de meedogenloze strenge wind. Doorkachelen zal dit trainingsdier! Met
turbobenen speert hij als een locomotief door het gure, maar prachtige,
winterse landschap.
De rit is afzien en nog eens
afzien. De koude lucht die je longen binnenkomt bij elke inademing. De
wind die je luchttoevoer afsnijdt. Zelfs remmen wordt een opgave wanneer
je niet meer zeker bent van het bestaan van je vingers, die naarmate de
rit alsmaar stroever en gevoellozer worden.
De man met
de hamer nadert wanneer de wielrenner er doorheen lijkt te zitten.
Echter de gedachte dat de eindstreep van zijn trainingsrit in zicht
komt, geeft de wielrenner vernieuwde strijdlust en met veel Grinta
herpakt hij zich en racete hij zich als een klasbak naar de meet.
Als
een Döppelganger van een Yeti, met een baard vol met ijspegels, stapt
hij van zijn racefiets. Daar staat hij; koud tot op het bot, trillend op
spaghettibenen, verlangend naar een warme douche... maar desondanks
VOLDAAN! Weer een overwinning rijker en een mooie aanvulling op zijn
Palmares!
Nou, is dit mooi of is dit mooi? Hoe goed heeft mijn dochter dit verwoord?
ZIJ had de stadsdichter(es) moeten worden!
Dank voor deze fraaie zinnen!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten