zaterdag 22 augustus 2020

Fraai, heel fraai parkoers

          Wie, met mij, vandaag, naar het NK op de weg voor dames heeft gekeken, heeft niet veel verassing of spanning gezien. Het gevecht ging weer tussen de twee meest bekende vrouwelijke wielertoppers van de wereld: Annemiek van Vleuten en Anna van der Breggen, dat werd de tweestrijd en ja, de rest van de dames was pelotonvulling, zeg ik er maar bij, maar voor die opmerking schaam ik me wel een beetje, hoor. Want die meiden, allen (semi) profs, rijden zo hard man en doen zo hun stinkende best! 

Dat ze hard rijden weet ik uit ervaring. Enige tijd terug pikte ik even aan bij Amie Pieters, de Europese kampioene en werd vervolgens zo hard uit het wiel gereden dat ik de pijn nog voel in mijn hart, hoofd en in mijn benen. De afgelopen week maakte ik een trainingsritje langs de altijd mooie Amstel en werd voorbijgereden door Sophie de Boer, Amsterdamse coureur van de "Parkhotel Valkenburg" ploeg. Zij en een collega renster, uit een andere ploeg, reden niet knetterhard van me weg, maar genoeg om me wel een kruk te laten lijken.

Nu overkomt me dat meer tegenwoordig. Dat ik voorbijgereden word. Dertig jaar geleden reed ik zelf nog renners uit het wiel, niet heuvel op, natuurlijk, jullie weten dat ik een anti klimmer ben, sterker, het anti klimmen heb uitgevonden. En ja, in die woorden 'dertig jaar geleden' ligt natuurlijk dat verhaal. Ik ben nu net achtenzestig geworden, ja dank je voor het feliciteren, het was overigens een rustige avond, geen bezoek, Corona en zo,dus geen groot feest, maar ik heb tijden fietsen tobben (moet eigenlijk zijn: lopen/zitten, maar nee, ik fietste) hoe het nu kwam dat ik voorbijgereden werd. Nu ja, eigenlijk is het doodsimpel: ze, de boeven die mij, "King off the Road", zoals ik me jaren heb gevoeld, voorbijgaan, zijn gewoon dertig of veertig (en meer) jaren jonger. Dus eigenlijk is dat natuurlijk heel logisch. Maar je moet het, zoals in mijn geval, wel willen en kunnen (en durven) toegeven. (Nee, ik ben geen fietsend lijk, hoor, af en toe haal ik ook nog wel eens fietsers in, vaak leeftijdgenoten, soms een jongere, maar ik besef terdege dat zuks niet veel meer zal voorkomen.) De koning is dood, leve de koning, zeg maar.

'Oh', hoor ik jullie denken, 'jij bent typisch zo een macho van het type: "wie kan her verste piesen?" Niets is minder waar, hoor. Ik ben geen vreselijke competitief mens en al helemaal geen streber. Ware dat het geval geweest, dan had ik mijn Marine carrière In het Helderse beëindigd als officier. (Dit is een tongue-in-cheek opmerking voor de ingewijden.)

Nee, nu verder. Even over het decor waarin de wedstrijd van vandaag werd gereden. In 1929 besloot 'men' om al het afval uit de randstad af te voeren naar Wijster, een plaatsje van nop en niks in het midden van Drenthe. Dat afval zou worden gecomposteerd en zo op arme zandgronden worden verspreid om, ja, vruchtbaarheid aan die arme streken te geven, natuurlijk. Er werd een firma opgericht, de Vuil Afvoer Maatschappij en vaak reden lange en hele lange treinen, vanuit de randstad naar het noorden om daar hun vracht te lossen. Jullie hebben ze vermoedelijk ook zien rijden? Dat composteren lukte niet echt, begreep ik, het vuil werd verbrand en de resten werden in bulten op een groot en braakliggend terrein gestort, met aarde bedekt en ja, de natuur deed de rest. Gras ging groeien, beestjes gingen er wonen en langzaam veranderden de zwarte bulten in fraaie heuvels. (Met 48 meter hoogte is de VAM berg het hoogste punt van Drenthe. Vroeger was dat de 'kwartjesberg, genoemd naar haar hoogste punt, 25 meter, in de buurt van Borger, op de Hondsrug. zegt men, maar achter dat verhaal steekt dus veel meer. Misschien daar nog eens een andere keer over?)

Soit. Ik zag vandaag een niet Nederlands, eerder Vlaams decor, met prachtige doorkijkjes, smalle weggetjes, gemene, steile klimmetjes en kassei stroken. Het weer was bijna ook zoals het in Vlaamse klassiekers hoort te zijn. Regen- en hagelbuien striemden de dames in het gezicht, nu ja, in het begin dan, maar geloof me, daar houd je last van, die nattigheid en die kou. Maar, mens, mens mens, wat een fraaie beelden van het landschap en van de fietsende top meiden. Het was genieten, meer van de beelden dan van het wedstrijd verloop. Morgen zal het niet veel beter zijn. Van de Poel zal wel winnen, denk ik. 

Hoewel ik het Julius van den Berg ook gun hoor. Ik zie hem, in mijn omgeving vaak trainen, net als Dylan Groenewegen. Helaas is die nu als bandiet neergezet, helaas. Maar hij is wel een onvervalste kampioen, neem dat van mij aan. Dus ja, morgenmiddag maar weer eens kijken naar dit Vlaamse stukje Drenthe en hopen dat we meer strijd zien dan vandaag.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Het nieuwe verraad

 In 1938 vloog Neville Chamberlain naar München, de hoofdstad van Beieren, in Zuid Duitsland, om onderhandelingen te voeren met de (tot nu t...