donderdag 29 augustus 2013

De Spaanse Ronde

Het is afgelopen zaterdag begonnen, de Vuelta d' Espana, maar er moet zo'n mooi dingetje op de n, maar dat ziet mijn spellingscontrole niet. De Vuelta, de VDE, is het jongste van de drie grote rittenkoersen, maar ze doet er, tegenwoordig niet meer voor onder. Ze is zeker niet het lelijke zusje van de drie. Niet meer. En zeker deze editie niet, hoor. Er zijn twaalf etappes die hetzij bergop eindigen, hetzij over allemaal hoge bergen gaan. Zo goed als alle grote mannen doen mee. Ja, geen Froome, geen Wiigins, geen Cavendish, maar wel Mollema, Ten Dam, Nibali en bijvoorbeeld Schoenmaker, nu ja, Scarponi met zijn Italiaanse naam.
Ik zie er niet al te veel van, van die Vuelta, helaas. Doordat de Tv uitzending pas rond vier uur start en ik dan al een twaalf uur of zo op de benen ben, sukkel ik vaak, tegen het einde van de etappe, wat weg. Maar toch, de beelden die ik zie, zijn fraai en spannend. De VDE van vroeger jaren liet coureurs over eindeloze wegen door het Spaanse landschap koersen. Ik herinner me etappes waar een peloton gedurende vier uur over een lange en rechte weg reed. Het was veertig graden, de dorstlessers waren niet aan te slepen en de beelden van de omgeving leken wel een kunstwerk van een nihilistische schilder. Er was niets te zien, niets, niets. De weg, aan beide zijden een droge greppel met eindeloze en kale bruine velden en af en toe een (olijven) boomgaard. De mannen hadden er weinig zin in, op die dagen. Ze onderhielden een tempo dat zelfs ik, ouwe man, bij zou kunnen houden. Een toeristentempo. Wat me van een van die etappes bij bleef is dat er, na vijftig kilometer absoluut niets, opeens een huis stond. In het midden van nergens. En dan nog een huisje van niks hoor. Geen grandeur, geen villa, geen buitenhuis, gewoon een huis. Begane grond, een verdieping, oprijlaan van vijf meter, that's it. Ik herinner me nog dat de luiken van het huis dicht waren, maar dat er wel een aantal voertuigen op de inrit stonden. Ik dacht nog, als er auto's zijn, moeten er mensen zijn, nietwaar? Ik dacht verder, als je dan in deze gruwelijke omgeving woont, het was geloof ik in van die Sierra's die ze daar hebben, en er gebeurt eindelijk eens wat voor je deur, dan ga je toch kijken? Dan ga je toch de straat op? Maar nee, geen mens te zien. Vijftig kilometer verderop was er weer een huis. Ja, echt waar. Dat huis was het eerste van een stuk of twintig dat dus een dorpje uit ging maken en hier stonden de zestig mensen of zo van het dorpje wel buiten en op straat. 
Toen ging me opeens een licht op: die mensen die zich verzameld hadden in dat eenzame huis, volgden, denkelijk, de etappe wel. Ze wisten natuurlijk dat die voor hun huis zou langskomen en wilden dat vooral op Tv zien om dan, op het moment suprême, naar buiten te stappen en te gaan zwaaien, wuiven, joelen, met spandoeken bewegen, kortom de dingen die mensen doen als ze denken live op Tv te zijn. Maar, vermoedelijk hebben ze door de eentonigheid van het landschap totaal geen besef gehad dat de koers al zo dicht bij hun woning was. Tot ze de beelden zagen, maar ja, de koers is een tapijt dat zich ontrolt voor de renners en zich meteen oprolt zodra de laatste auto voorbij is. Dus, ook al zouden ze willen, ze zouden nooit meer in beeld zijn gekomen.
Zelf ben ik meerdere malen in dat fraaie land geweest. Zoals jullie ooit wel eens gelezen hebben, schijnt er 'Sefardisch' bloed door mijn aderen te stromen, volgens de overleveringen in de familie. Dat betekent dat ik, van heel vroeger, van Spaanse Joden af zou stammen. Via mijn moederskant. Mijn moeder stamt uit een geslacht dat Luis heet. (Ook dat, ik weet het lieve lezer en lezeres) heb ik ooit al opgeschreven. Maar toch. Ik heb wat met Spanje, met de Spaanse taal, met de Spaanse keuken en met Joden en zo. Ik had ooit, oké, oké, in een heel ver verleden, ravenzwart haar, idem wenkbrauwen en baard/snor. Zou het dan toch bestaanbaar zijn dat dat zo veel eeuwen nog steeds overerfbaar is?
Volgens de familielegende was de verre voorvader een Don, een Spaanse edelman dus, die als legeraanvoerder tijdens de tachtigjarige oorlog hier is blijven hangen en een struise, goedgebouwde en groot geboezemd Groningse aan de haak had geslagen. Het zou wel mijn nobele inborst kunnen verklappen, natuurlijk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Het nieuwe verraad

 In 1938 vloog Neville Chamberlain naar München, de hoofdstad van Beieren, in Zuid Duitsland, om onderhandelingen te voeren met de (tot nu t...