woensdag 2 augustus 2017

Randonneurs (part deux)

Dus ja, ik zat, zoals ik al schreef, mijn bureau laatjes maar eens op te schonen en, zoals ik ook al schreef, kom ik mijn blikje tegen waar ik, jaren lang mijn 'bintangs', mijn trofeeën van fietstochten, in had gestopt en dat ik die allemaal een beetje vergeten was. (Mijn "echte" bintangs, mijn medailles van de KM, staan trots te glimmen op mijn boeken plank, bovenop de boeken van Douglas Reeman.
(Toen ik, een week of wat geleden, met mijn oudste zoon, S., de Decathlon Cycle Tour Amsterdam, gereden had en weer eens een fraai aandenken kreeg, herinnerde ik me opeens weer dat blikje en ik wilde aanvankelijk het stukje fraai blik met lint eraan er in laten glijden. De lief zag het en zei: 'Je hebt al je marine medailles wel fraai uitgestald, doe dat nu ook eens met de mooiste van die fiets herinneringen?') Ze had gelijk, natuurlijk.
Ik moet zeggen een militaire bintang is natuurlijk van een andere grote dan een fiets herinnering, maar ja, ergens had ze dus helemaal en gewoon gelijk. Ik ken militaire figuren die alleen maar, zoals wij dat noemden, 'pretmedailles' op hun tenue hadden: het zogenaamde vierdaagse kruis, de sportmedaille, de medaille van het huwelijk van de huidige koning en zijn echtgenote, het inhuldigings- kruis van de 'oude' koningin, een bintang van een militaire 'prestatie' tocht. (Dat laatste is gewoon een puzzeltocht met de auto, een kaart-kompas, een KAKO oefening, zoals dat bij de mariniers heet. Die is alleen voor officieren, overigens. Helaas zijn officieren bijna allemaal het pad kwijt, dus ja, voor hen is die KAKO natuurlijk moeilijk en daarom dus zo een vetleren medaille waard.)
Dus ik leeg dat blikje en mijn bureau word bedolven onder allemaal materiaal. Vaak van die rood/wit/blauwe lintjes, maar vaker nog onder zwaardere materialen. Als ik ze een voor een door mijn handen laat gaan en ze bekijk denk ik: 'WTF, dat heb ik ook allemaal gereden! Heb ik die dingen allemaal gepresteerd?
Ereplaatsen nemen ze nu in, ik heb ze nu maar geparkeerd op mijn boeken van Monsarrat (The Cruel Sea en nog veel meer) en Melville (Moby Dick en White Jacket, die boeken moet je echt eens lezen) en nog veel meer van die dingen en zo heb ik ze weer in het oog.
Trotse ereplaats neemt het Elfstedenkruisje in. Niet omdat die tocht zo zwaar was, hoor, dat viel al met al nogal mee, maar omdat ik er hele slecht en hele goede herinneringen aan heb. 
De goede: het heerlijke vlakke parkoers, maar een dikke tweehonderd kilometer, het fraaie en heel overzichtelijke, want totaal vlakke land, met veel meren en kanalen en het totaal gekke en helemaal enthousiaste publiek.
De slechte: ik reed toen ooit, helaas, bij een wielervereniging. Wielren- en Toering Club de Amstel. Het hoe en waarom ik lid ben geworden van die vereniging zal ik je ooit eens vertellen. Ik ben namelijk helemaal geen mens voor clubjes. Maar goed, die groep, waar ik de Elfstedentocht mee fietste, liet me totaal in de steek toen ik lek reed en reed gewoon door, alsof er niets aan de hand was. Het was, toen in ieder geval (ik weet niet eens of die club nog bestaat en heb totaal geen zin om het uit te zoeken) een groepje mensen die ver voor bij hun houdbaarheid datum was. Ik was met mijn vijftig jaar, de jongste van de club.
Het was me een gedoe van haarkloverij en 'poten-onder-de-mensen-uitzagen' van heb ik jou daar.
Ik moet wat bekennen! De ereplaats onder alle medailles en aandenkens heeft een chocoladeletter met een rood/wit/blauw lint! Die heb ik gekregen van mijn kleinzoon, Loek, nadat ik met zijn vader een fietstocht had gemaakt in Noord Holland. De inhoud van dat aandenken, chocola, is natuurlijk allang vergaan, maar het omhulsel met lint zal er tot mijn dood blijven hangen!
Op plek twee staat de Amstel Gold Race medaille die ik jaren gereden voor het eerst reed. (Ik heb haar nog wat keren gedaan, natuurlijk.) In de afzink op de Daalhemerweg naar het Grendelplein en zo naar de finish op de Cauberg, begon het enorm te regenen en te hagelen. Met mijn voeten uit de klikpedalen probeerde ik mijn snelheid van zeventig per uur op mijn schoentjes te verminderen, maar dat was behoorlijk moeilijk.
Gelukkig bereikte ik zonder valpartijen, ik zag wel diverse mensen om me heen wel neerstorten, overigens, het Grendelplein, ging daar met heel veel moeite de zoveelste beklimming, maar gelukkig wel de laatste, van de dag op. Ik kreeg van de organisatie een ster en een cap van Vacansoleil, die wielerploeg waar Johnny Hoogerland voor reed! 
Man, verzopen als ik was, rilde ik me rot toen ik eenmaal in de auto zat, de fiets veilig achterin. (Vraag niet hoeveel moeite het heeft gekost om met mijn bijna bevroren vingers mijn fiets uit elkaar te sleutelen!) Ik kreeg mijn jeans niet meer dicht dus reed ik met natte koersbroek aan maar naar Amstelveen.Ik ben onderweg naar huis bij een pompstation gestopt en heb toen twee van die hele vette, hele troostende en hele ongezonde gehakt staven gegeten.
Toen begreep ik opeens wat troost food was!
Op plek drie tot en met vijf staan de randonneurs medailles die ik heb gekregen voor de voorbereiding tochten voor Parijs-Brest-Parijs.
Daar over meer, later.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Het nieuwe verraad

 In 1938 vloog Neville Chamberlain naar München, de hoofdstad van Beieren, in Zuid Duitsland, om onderhandelingen te voeren met de (tot nu t...