Vandaag was het vader en zoon (of net andersom) dag. vandaag hebben we, pere et fils, de Kennemer Classic gereden. Dat is een geheel gepijlde tocht die, vanaf camping Geversduin, bij Uitgeest, zich door het fraaie Noord Hollandse land slingert. Nu ja, maar even een uitleg. Mijn zoon Serge is een sport freak, maar dan wel voornamelijk passief. Nu fietst hij wel graag, maar hij komt er eigenlijk niet zo toe. Hij heeft een gezinnetje met twee heerlijke (klein)kinderen en een drukke baan en al dat soort zaken. Maar hij fietst heen en weer naar zijn werk, ook dagelijks goed voor een kilometer of dertig. We hebben in het verleden meerdere fietstochten gemaakt, dat wel, maar ja, een gezin, werk, nu ja, ik weet het nog van vroeger, het komt er niet zo van. Maar voor de rit van vandaag was hij onmiddellijk enthousiast. De rit ging namelijk van start op de camping Geversduin, tussen Uitgeest en Castricum. Nu staan zoon en vriendin Nicoline daar al jaren zelf met een caravan en ook zijn schoonouders hebben daar een fraaie stek. Zelf zijn E. en ik niet van die kampeerders, maar we hebben in het verleden vaak de camping bezocht en, eerlijk is eerlijk, het is fraai, ruim, netjes en het heeft een fantastische natte groep. Voor kinderen is het een ideaal oord, met bomen om in te klimmen of om je achter te verstoppen, er is een soort Hobbit hol en heel veel speeltoestellen en een actieve 'jeugd doe groep', zal ik maar zeggen. Toen de uitnodiging voor de tocht dan ook de virtuele deurmat viel, wist ik, ja, het is mijn eigen kind, dus ik ken hem, dat ook hij er wel voor voelde.Die uitnodiging kwam van Martin Schrijnders, een van de mensen van de Kennemer Toer Club, (KTC). Martin ken ik niet persoonlijk maar is een kennis via de sociale media, via Google +.
We konden kiezen uit twee afstanden: 125 of 65 kilometer. Wetende dat mijn zoon niet al te veel kilometers gereden had dit jaar, plus dat hij zijn twee kinderen natuurlijk nog wil zien in de ochtend, plus dat ik vanuit Amstelveen heen en terug wilde via Zaandam om hem op te pikken en dan naar Castricum, besloten we om de 65 km versie te gaan rijden. Met de 'Thuis' kilometers zou hij dan wel aan de honderd komen en voor mezelf zaten er dan nog eens zestig bij. Een aardig dagje op de fiets, dus.
Nu is er iets mafs aan de hand in Mokum. Nu ja, de'r is altijd wel iets mafs aan de hand daar, maar het feit dat er tussen Zaandam en Amsterdam geen echte en goede fietsverbinding is, is raar. Je bent altijd gehouden om met een van de ponten te gaan. Als die dingen nu af en aan voeren, dan was er niets aan de hand, maar ze hebben een dienstregeling. De pont bij de vroegere 'Hembrug' vaart slechts om de 20 minuten, dus als je die mist sta je een partij af te koelen, dat is niet mooi meer. Dus, leep als ik ben, dacht ik de meer frequent varende pont van achter het CS te nemen en zo, een klein stukkie om, naar het Zaantje te rijden. Maar: op zondagmorgen voor acht uur, vaart deze pont ook maar om het kwartier of zo.
We meldden ons uiteindelijk rond 0900 bij de 'permanence', iets later zelfs, want ik had, zoals gezegd, de pont tegen en Serge thuis opgepikt en moest natuurlijk even mijn kleinkinderen knuffen en bewonderen. Mia, kleindochter van een half jaartje oud, lachte heel lief tegen opa, met name toen hij zijn helm had afgezet en opa had al helemaal geen zin meer om nog verder te gaan. Maar, vertelde Serge, Nicoline zou met de twee naar zijn schoonouders op de camping gaan en dan konden wij na afloop nog even een bakkie doen. Loek keek verbaasd naar me en zei; 'He, opa, jij hebt ook een fietspak!' (Ja hoor tutoyeren mag en we vinden het leuk en fijn. We zijn niet zo streng in dat.)
Goed. Bij Geversduin werden we getrakteerd op twee lieve glimlachen van twee lieve dames, op fruit voor onderweg van een aardige mijnheer en we vertrokken voor een fantastische tocht door Noord Hollands polderland. Ik ga de route niet beschrijven nu, ga hem zelf maar eens rijden en je gaat begrijpen wat wij hebben gezien. In een woord: PERFECT. Het weer zat, voor het eerst dit jaar, enorm mee. Er was zon, een bijna strak blauwe lucht en het waaide fors uit het noordwesten.
Maar voor de rest was het af, echt af. Ik kende grote delen van de provincie al wel, natuurlijk, ik ben haast een 'broodfietser'. Maar we kwamen nu over wegen en weggetjes waar ik het bestaan niet van kende.
Nederland, nu ja, Noord Holland, op zijn fraaist: polders, zon, weilanden, molens, koeien in de wei. Ringvaarten en meer koeien en polders en molens en veel kleine dorpjes. Oost Knollendam, Avenhorn, Schermerhorn, De Rijp en Graft, mensen, mensen, wat een plezier.
De hele tocht was via pijlen te rijden. Er ontbrak er niet een en, als je hele even twijfelde na een afslag, zag je vijftig meter verder de bevestiging: "je gaat goed, hier is de volgende pijl".
Toch waren we later terug dan gepland. We hadden een koffiestop gedaan: nicotine, koffie en appelgebak met, maar af en toe speelde de wind parten. Rond twee uur waren we weer op de camping, werden weer met glimlachen onthaald en deden een heerlijk bakkie bij Bep en Hans, de ouders van Nicoline.
We werden als helden onthaald en Loek gaf ons allebei een grote 'Gouden Plak', met lint. Mia babbelde hele belangrijke baby zaken tegen me en ik knuffelde haar en bewonderde de tandjes en dat lekkere bekkie en had al helemaal geen zin meer om nog verder te gaan.
Terug hadden we de wind 'vol in de poep' en in no time stond ik op de pont. Dan nog een stukje door 'Pinguinistan' en toen, bij het Schinkel, kreeg ik het begin van een fringale en dat was even niet prettig. Bij het sluisje van de Schinkel, staat een kar met ijs, hot-dog's en AA drink. Dat laatste klokte ik heel erg gulzig naar binnen en vijf minuten later was ik weer het heertje.
Een dagje op de fiets. 165 kilometer gereden en genoten van een prachtdag.
Bedankt KTC, geweldig gedaan!

Geen opmerkingen:
Een reactie posten